Aardappel

Aardappel staat bekend als een oer-hollands gewas. Toch is dat niet terecht. De Spanjaarden namen in de zestiende eeuw de eerste aardappelen mee vanuit Peru. Tegenwoordig is de aardappel niet meer weg te denken uit de Nederlandse keuken. Wat eigenlijk best gek is, want hij vraagt veel van de grond en is zeer vatbaar voor veel ziekten. Zo vatbaar zelfs dat in Ierland een grote hongersnood uitbrak door de misoogst. Het is duidelijk, mensen houden van de pieper. Maar heb je hem al eens eerder zo vers geproeft?!

Oogsten

Als je ook naar de kas wil: doe dat dan eerst. Er zitten mogelijke planten ziekte kiemen in de aardappel die we niet bij tomaat, het broertje van de aardappel, willen krijgen. Loop dus niet door de aardappel voor je naar de kas gaat.

Laat jonge aardappeltjes niet in het licht liggen. Daar wordt de aardappel groen van. groene aardappelen bevatten de giftige stof Solanine. Daarom is het handig om deze vlak voor je de tuin gaat verlaten te oogsten.

Kijk in welke rug en waar het vlaggetje staat. Loop naar het vlaggetje en trek de eerste plant uit de grond. De aardappels die meteen omhoog komen kan je dan verzamelen. Gebruik de vork om de dieper gelegen aardappels ook op te graven. Steek goed vóór de plant zodat je de aardappels niet doorsteekt. Neem alle aardappeltjes mee, zeker ook de kleintjes, want die zorgen voor veel overlast volgend jaar. Gooi de plant bij de andere planten zodat we deze naar de compost hoop kunnen brengen.

Verse aardappels bewaar je in de koelkast omdat deze geen stevige schil heeft en in licht nog kan groen kleuren.

Hoe bereiden

Verse aardappelstjes zijn op elke manier lekker, maar vooral met een beetje olie, rozemarijn peper en zout. Niks zo lekker als de pure smaak.